Microvezel wassen: niet alleen de ingestelde temperatuur is belangrijk
Inhoudsopgave

Microvezeldoeken en -moppen zijn in de professionele schoonmaak niet meer weg te denken. Ze verwijderen vuil effectief, kunnen efficiënt worden ingezet en vormen een belangrijk onderdeel van veel schoonmaaksystemen.
Maar microvezel wassen vraagt om meer dan het kiezen van een wasprogramma. Na gebruik moeten microvezeldoeken en -moppen niet alleen gewassen worden, maar ook aantoonbaar schoon en – waar nodig – gedesinfecteerd uit het proces komen.
Een wasprogramma instellen op 60, 70, 80 of 90 °C is daarbij iets anders dan vaststellen dat het materiaal die temperatuur daadwerkelijk, lang genoeg en onder de juiste procescondities heeft bereikt. In dit artikel lees je waar een professioneel wasproces voor microvezel aan moet voldoen en hoe je de prestaties daarvan objectief kunt vaststellen.
Microvezeldoeken en -moppen wassen: aandachtspunten
Microvezelmaterialen bestaan doorgaans uit zeer fijne synthetische vezels, vaak polyester in combinatie met polyamide. Juist die fijne vezelstructuur zorgt voor de bekende reinigende eigenschappen: vuil en vocht worden opgenomen en vastgehouden in het grote vezeloppervlak en de fijne structuur van het materiaal.
Diezelfde structuur maakt microvezel ook gevoelig voor een onjuist ingericht wasproces. Restanten van was- of schoonmaakmiddelen, het gebruik van ongeschikte wasmiddelen of een te hoge droogtemperatuur kunnen de werking en levensduur van microvezelmaterialen negatief beïnvloeden.
Belangrijke aandachtspunten bij het wassen van microvezeldoeken en -moppen zijn:
- Voldoende voor- en naspoelen, zodat losgekomen vuil en wasmiddelresten daadwerkelijk worden afgevoerd.
- Het vermijden van stoffen die de vezelstructuur of reinigende werking kunnen aantasten, zoals wasverzachter, vetzure zeep en bleekmiddelen.
- Een beheerst droogproces. Te hoge temperaturen kunnen de vezels beschadigen en daarmee de functionele levensduur verkorten.
De juiste keuze van schoonmaakmaterialen, wasmachine en wasmiddelen is belangrijk. Maar alleen wanneer het volledige proces wordt beheerst, ontstaat een betrouwbaar resultaat.
Reinheid en desinfectie zijn verschillende prestaties
Bij de beoordeling van een wasproces voor microvezeldoeken wordt desinfectie op een temperatuur van minimaal 60 °C vaak als eerste genoemd. Dat is begrijpelijk. Microvezeldoeken en -moppen worden gebruikt om uiteenlopende oppervlakken te reinigen en mogen tijdens het schoonmaken geen bron van herbesmetting vormen.
Toch is desinfectie slechts één onderdeel van het gewenste resultaat.
Een proces kan microbiologisch voldoende presteren, maar alsnog tekortschieten wanneer zichtbaar of onzichtbaar vuil onvoldoende wordt verwijderd. Microvezelmaterialen worden tijdens gebruik belast met stof, huidschilfers, vetten, organische vervuiling en andere partikels. Die vervuiling moet uit het materiaal worden gewassen; temperatuur alleen is daarvoor niet voldoende.
Een goed wasproces voor microvezel moet daarom minimaal antwoord geven op twee vragen:
- Worden vuil, resten van was- en schoonmaakmiddelen en andere verontreinigingen effectief uit het microvezelmateriaal verwijderd?
- Wordt de vereiste microbiologische reductie aantoonbaar bereikt?
Een korte of waterbesparende cyclus kan efficiënt lijken, maar biedt niet automatisch voldoende tijd, mechanische werking en spoelstappen voor zwaar gebruikte moppen en doeken. Juist bij microvezel is een goede spoelwerking essentieel om de reinigende functie van het materiaal te behouden.
Temperatuur meten in het wasproces van microvezel
In de praktijk zien we regelmatig dat de beoordeling van een wasproces stopt bij de keuze van het programma: “De wasmachine staat op 60 °C.”
Dat zegt nog niet genoeg.
De temperatuur op het display of bij de programmakeuze komt niet altijd overeen met de werkelijke temperatuur in de trommel en in het textiel. Ook de tijd waarin het wasgoed daadwerkelijk op temperatuur blijft, is bepalend. Daarnaast spelen onder meer beladingsgraad, waterniveau, dosering van wasmiddelen en het verloop van de spoelstappen een rol.
Voor thermische desinfectie gaat het dus niet uitsluitend om één temperatuurwaarde, maar om een aantoonbare combinatie van tijd en temperatuur.
Temperatuurlogger voor de wasmachine
Wie wil weten hoe een wasproces voor microvezel werkelijk presteert, moet de feitelijke temperatuur in de machine meten of laten meten. Dat lukt meestal niet met een eenvoudige thermometer. Een watermonster nemen uit de machine is vaak niet mogelijk en een meting aan de buitenzijde van de trommel zegt onvoldoende over de temperatuur die het wasgoed tijdens het proces ervaart.
Een gekalibreerde temperatuurlogger voor de wasmachine biedt dan uitkomst. De logger kan met het wasgoed worden meegewassen en registreert de temperatuur gedurende het volledige wasprogramma. Dit geeft achteraf objectief inzicht in:
- Of de gewenste temperatuur daadwerkelijk wordt bereikt.
- Hoe lang het proces op of boven de relevante temperatuur blijft.
- Of het tijd-temperatuurverloop past bij de beoogde thermische desinfectie.
- Of er afwijkingen ontstaan tussen machines, programma’s of beladingen.
Deze gegevens geven aanzienlijk meer houvast dan alleen een programma-instelling of mondelinge bevestiging. Ze maken gerichte verbetering mogelijk: niet op basis van veronderstellingen, maar op basis van meetgegevens.
Desinfectie bij lagere wastemperaturen aantonen
De ontwikkelingen op het gebied van wassen staan niet stil. We zien nieuwe wasprocessen die bij lagere temperaturen goede resultaten kunnen behalen op het gebied van desinfectie. Dat kan kansen bieden voor een lager energieverbruik.
Tegelijkertijd is de desinfecterende werking bij dergelijke processen niet meer uitsluitend te beoordelen op basis van de gemeten temperatuur. Juist dan is het belangrijk om vast te stellen of de beoogde microbiologische reductie werkelijk wordt bereikt.
Daarom toetsen wij deze processen met onze DES-controller. Hiermee beoordelen we de microbiologische prestatie van het wasproces en stellen we vast of de beoogde afdoding wordt gerealiseerd. In combinatie met temperatuurregistratie ontstaat een compleet beeld van de procesprestatie.
Wasproces van microvezel valideren
Een betrouwbaar wasproces voor microvezel bestaat uit meer dan een wasmachine, een wasprogramma en een droger. Ook de werkwijze rond vuil en schoon wasgoed, de belading van de machine, de dosering van wasmiddelen, de spoelstappen en de risico’s op herbesmetting na het wassen bepalen het eindresultaat.
Steeds vaker worden wij gevraagd om het wasproces van microvezelmaterialen objectief te beoordelen en te valideren. Daarbij kijken wij niet alleen naar desinfectie, maar naar het volledige proces rond het wassen van microvezelmaterialen.
Of het nu gaat om een industriële wasserij of een interne wasserij binnen een ziekenhuis of zorginstelling: een validatie helpt om objectief aan te tonen dat het proces ook bij herhaling goed verloopt.
- Bereikt het proces daadwerkelijk de beoogde tijd-temperatuurprestatie?
- Is de desinfectie aantoonbaar op het gewenste niveau?
- Wordt het materiaal voldoende uitgespoeld?
- Is het proces reproduceerbaar en geborgd?
Een goed microvezelproces vraagt om bewijs
Schoonmaak met microvezelmaterialen kan alleen blijvend goed functioneren wanneer ook het wassen van de gebruikte materialen goed is ingericht en beheerst.
Aannemen dat een wasprogramma goed werkt omdat het ooit zo is ingesteld, is geen procesbeheersing. Meten, beoordelen en waar nodig optimaliseren wel.
Wil je weten hoe jouw wasproces voor microvezeldoeken en -moppen werkelijk presteert? Neem dan contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek over de mogelijkheden.